Anger Management

Posted on
This room it keeps a constant tone
While I’m on a rollercoaster
 – Kate Havnevik
Mijn vader was een vrij agressieve man. Niet dat hij geen dag voorbij liet gaan zonder mensen een dreun te verkopen, maar wanneer je ‘m boos maakte had je ook daadwerkelijk een probleem. Regelmatig kregen mijn broertje en ik een slipper naar ons hoofd en ik kan me zelfs herinneren dat ik een glas naar me toegesmeten kreeg (hij mikte niet gericht, hij wilde gewoon dat ik bang werd en ophield met jengelen).
Lang dachten we dat mijn broertje degene was die deze eigenschap van mijn vader had overgenomen: ik was sterker in woord dan hij, en als ik irritant was kreeg ik dan ook regelmatig een stomp als antwoord op mijn gezeur. Als klein kind beukte hij zijn hoofd tegen de vloer of probeerde mijn moeder ernstige trauma’s te bezorgen door haar te bijten.
Helaas bleek in de loop der jaren het tegendeel waar: niet mijn broertje was degene met onbedwingbare woedeaanvallen (ook wel, maar ze werden minder), maar dat rustige, lieve, verlegen meisje…ik dus. Ik rende thuis mijn lieve broertje achterna met een mes, schopte gaten in mijn kamer deur, trok de deurklink uit de deur, of sloeg zo hard met de deuren dat de ruiten eruit vielen. Wanneer ik niets had om te slopen begon ik hysterisch te schreeuwen, waarmee ik vaak mijn vijand (lees: mijn lieftallige broertje) de stuipen op het lijf joeg.
Gelukkig ben ik ben niet snel boos. Maar dat is ook gelijk het probleem: ik word nooit boos en houd veel te vaak mijn mond dicht wanneer ik me ergens aan irriteer: ik wil niet zeuren, ik heb geen zin in gezeik, en ik vind het simpelweg gênant om redenen voor mijn irritaties te moeten geven omdat deze vaak van emotionele aard  zijn en niet zijn weg te werken met rationele praat. Zelfs wanneer ik een kans krijg om mijn ontevredenheid uit te spreken heb ik de neiging om mijn mond dicht te houden. Heel irritant, maar ik krijg ’t m’n strot gewoon niet uit.
Uiteindelijk hopen de irritaties zich natuurlijk toch op, mijn ontevredenheid groeit gestaag, en ik krijg opeens enorm veel agressieve energie. Normaal gesproken fiets ik die agressie eruit, maar soms lukt dit niet. En dan, op een dag als vandaag, komt die woede in alle hevigheid op. Iedereen moet het dan ontgelden; inclusief ikzelf. Spullen vliegen door de kamer, iedereen die me in de weg zit zal merken dat ik boos ben, ookal weet ik dat ik misschien een tikje doordraai.
Vandaag was dus zo’n dag. And it was not pretty. Nu is nog steeds niets uitgesproken, maar om dat te rechtvaardigen heb ik natuurlijk ook weer een gewéldig excuus verzonnen. En zo regelen we uitstel van executie, wachten we weer rustig op de volgende woede/frustratie-aanval, en probeer ik ondertussen toch aan iets als Anger Management te doen. In ieder geval stap ík morgen gewoon weer op de fiets!