Doe mij maar koffie.

Posted on

“What do you want?”
“Just coffee. Black – like my soul.” – Cassandra Clare

Binnen een maand deden twee nieuwe koffiedrinkgelegenheden hun intrede in het winkelcentrum van Amstelveen. Daar waar het Douwe Egberts Café -dat zich bevindt in de loze ruimte tussen de Zara, Rituals, Blokker en Etos- eerst alleenheerser was in koffie voor winkelend publiek, is er nu concurrentie in de vorm van niets minder Starbucks en Venstra Café. Ondergetekende houdt wel van onprofessioneel en subjectief warenonderzoek, en ging op pad om te bewijzen dat Venstra Café niet alleen in theorie het beste café van Amstelveen is (het zit in een boekwinkel, hallo!), maar ook in de praktijk ruim boven het maaiveld uitsteekt.

De Starbucks. Het lijkt me belangrijk eerst te vermelden dat tijdens mijn 9 maanden door Canada deze koffieketen een soort gateway was naar het thuisfront. Waar hostels vaak dramatische internet verbindingen aanboden, was Starbucks behalve verstrekker van welkome bakken Pompoen-koffie ook uitgerust met een degelijke wifi-verbinding en een goede stoel. Deze stoel straalde niets minder uit dan: “Blijf hier gerust zo lang zitten als je wil, lieve backpacker. Je bent welkom; je hebt geen huis, je hostelgenoten snurken en stinken, dus ja: deze stoel is de komende 3 uur jouw eiland. P.S.: Wil je misschien koffie?”

Helaas, Starbucks Amstelveen heeft geen stoel. Ja, er staan wel stoelen, en tafeltjes, maar de grote bruine luie stoel ontbreekt. Gelukkig hadden ze een Rocky Road Bar (een chocoladereep met mini-marshmallows er in), en vroeg het vrolijke personeel of ik mijn White Mocca Latte (o.i.d.) mee wilde nemen of daar ter plekke wilde verorberen. Ik koos het laatste en kreeg een stevige mok voor de koffie en mijn gebakje op een schoteltje.

Waar ik in andere Starbucksen het gevoel krijg er uren te kunnen en mogen blijven, houd ik het in deze vestiging nog geen 10 minuten vol: omdat het in een looproute zit is er erg veel omloop wat klanten betreft, door de grote glazen ruiten heb ik het gevoel dat ik in een aquarium zit, en de muziek staat te hard. Verder stoorde ik me nogal aan de tekst dat met krijt op een bord stond gekalkt: “Starbucks, waar uw koffie met liefde en passie wordt gemaakt”. Er zat bijna geen koffie in mijn koffie: het was voornamelijk melk met smaak. Daarbij is Starbucks zodanig uit zijn voegen gebarsten, dat ik denk dat het merk weinig meer met koffie te maken heeft, maar meer met geld. Geeft niet, maar laat dat bord dan maar zitten.

Over het Douwe Egberts Café kan ik een stuk korter zijn: het is een soort Drive-Thru voor het winkelend publiek. Er staat midden in de loze ruimte een bar met twee mensen erachter. Er staan wel stoeltjes en tafeltjes voor als je zou willen zitten, maar er zijn geen muren of wandjes die jou als koffieconsument onderscheiden van het winkelend publiek. Het personeel was vriendelijk: toen ik een ijskoffie bestelde, vertelde de man mij uit welke duizend smaakjes die je ijskoffie kunt geven, ik kon kiezen. Het verwarde mij nogal, dus schreeuwde ik in een moment van blinde paniek: “Doe dan maar caramel!” Zijn collega gooide alles in de blender, et voila: ijskoffie in een plastic beker. Als ik wilde zitten kon ik gaan zitten, als ik weg had willen lopen had dat ook gekund. Er zat wel degelijk koffiesmaak aan mijn ijskoffie, maar de koekjes die ze verkochten zaten in plastic verpakt. Het is natuurlijk wel iets goedkoper dan Starbucks, maar de kans dat Douwe Egberts deze concurrentie overleeft (Starbucks ligt op nog geen 100 meter afstand), betwijfel ik.

Zoals ik al aangaf, ben ik een beetje subjectief/bevooroordeeld: ik houd namelijk van boeken. Dus Venstra Café, dat hoort bij, en in hetzelfde pand zit als Venstra Boekhandel, had al wat punten gescoord. Maar ik besloot zo objectief mogelijk te blijven. Venstra Café ligt niet in het winkelcentrum zelf, maar heeft zich gevestigd in de onderste verdieping van de bibliotheek, aan het Stadsplein. Hierdoor is er minder winkelend volk dat even snel stopt voor koffie, maar trekt het wel rustiger, ouder, en minder doorsnee publiek aan.

Ook Venstra Café heeft geen grote bruine luie stoel. Toch heeft het café wel goede, ruime stoelen, ruime tafels en in het midden een grote leestafel met krantjes en boeken. De muziek staat op een goed volume: je kunt normaal met iemand praten, maar ook blijven nadenken op het moment dat je een bestseller of boodschappenlijstje aan het schrijven bent. Ideaal wanneer je thuis niet kunt werken door een overmaat aan prikkels. Daarbij draaien ze geen obscure lounge muziek, maar jazz, klassiek, of gewoon de persoonlijke voorkeur van het personeel (in dit geval hebben het personeel en ik een overeenkomstige muzieksmaak). Na grondig onderzoek -of: het afluisteren van gesprekken tussen de bedrijfsleider en klanten- blijkt dat er een regel is ingevoerd dat er alleen muziek gedraaid mag worden van vóór 1964. Prima regel!

Maar hoe is het personeel? Hoe is de koffie? Laat ik vooropstellen dat wat mij het meest irriteert aan het concept van koffietenten zoals Starbucks en Douwe Egberts Café, is de lopende band-wijze waarop je bestelling wordt afgehandeld. Er staan bij dit soort ketens minstens drie personeelsleden achter de bar: bij persoon A plaats je de bestelling en reken je af (en geef je eventueel je naam door voor op de beker, wat ik overigens onzin vind), persoon B maakt je koffie, en persoon C staat klaar met een tang om jouw gekozen koekje of gebakje uit de vitrine te hengelen.

Bij Venstra Café word ik geholpen door één persoon (toevallig is dit steeds dezelfde) en heb ik altijd het gevoel alsof ik de meest gewaardeerde bezoeker ooit ben. Hiermee bedoel ik dus niet dat bij iedere bestelling hysterisch de vlag wordt gehesen, nee: er is aandacht voor de klant. De eerste keer dat ik een Cappuccino bestelde, vertelde de bedrijfsleider mij wat voor soort Espresso hij gebruikte en waarom. Toen ik grappend vroeg of hij de kenmerken van die genoemde Espresso uit zijn hoofd had geleerd, zei hij: “Nee, dit heb ik zelf geproefd”.

Nergens in Venstra Café staat een bord dat voor de bezoeker moet bevestigen dat het personeel aandacht, liefde en passie heeft voor de koffie die ze zetten. Zo’n bord is ook niet nodig wanneer dit al blijkt uit het werk dat ze doen. Daarbij verkopen ze ook nog eens Rabarber-Meringuetaart en Cheesecake, en is de keuze voor broodjes en koffiemogelijkheden in vergelijking met Starbucks en Douwe Egberts Café beperkt. De koffie komt in normale kopjes, in normale groottes, met een chocolaatje ernaast, of niet, en met een metalen lepeltje in plaats van een houten spatel. Ijskoffie is koffie met ijsklontjes, eventueel honing, wat munt, en wordt aangeboden in een glas: geen blender, geen duizend smaakjes.

Het is een verademing dat er in Amstelveen – als een plaats waar luxe en een waterval aan mogelijkheden de standaard is – ook ruimte is gemaakt voor een grotere boekhandel met een café. Een café waar normale mensen, voor een normale prijs, echte kwaliteitskoffie kunnen drinken en waar niet alles draait om snelheid en kwantiteit. Een plek waar ruimte is voor rust en kwaliteit. De nieuwe Venstra Boekhandel en bijbehorend Venstra Café zitten pas twee maanden op deze locatie, maar is nu al mijn favoriete uitvalsbasis.